29th
MegaPinguïn

Op het Neude in Utrecht - dat iedereen om een duistere reden de Neude blijft noemen - staat een pinguïn. Hij is zeven meter hoog, heeft een roze buik en een groen rug, uitpuilende ogen en een blauwe pet een beetje schuin op zijn hoofd. Hij heet Michael Moore. Ik ben er alleen nog niet helemaal over uit of hij eerst naar de (s)linkse Amerikaanse documentairemaker is vernoemd en dus een blauwe baseballcap op moest, of dat Florentijn, de geestesvader van de opblaaspinguïn, zijn creatie in ogenschouw nam, vond dat er iets ontbrak en het beest een blauwe pet gaf, waarna hij zijn kindje zoveel op Michael Moore vond lijken dat hij niet anders kon dan hem naar de beste man te vernoemen.
Dus Michael Moore bevindt zich momenteel, in de incarnatie van een groen-roze reuzenopblaaspinguïn, in het centrum van Utrecht, waar hij dromerig uitkijkt over het Neude. En het enige dat hij daar doet, zijn beloftes. Beloftes van inspiratie, meditatie en zelfs van wedergeboorte. Soms houdt hij woord en vvertrekken Mikey’s bezoekers vol ideeën, verfrist, met een glimlach of een grijns op het gezicht.
Maar net zo vaak komen bezoekers bij Michael vandaan met een verwarde frons op het voorhoofd en eventueel nog een geërgerde blik achterom. Heeft hij hen voorgelogen? Begrepen ze hem gewoon niet? Zijn ze belazerd, bedrogen? Oprecht nieuwsgierig tot hem gekomen en voor gek weer uitgepoept?
Ik vind het leuk om te denken dat de bezoekers van Samuel Becketts voorstellingen in de jaren ‘50 met een zelfde blik en houding het theater verlieten. Maar dan nog wat extremer, omdat Becketts publiek ha betaald voor de voor hen teleurstellende ervaring van een toneelstuk waarin niets gebeurde. Michael Moore werkt bijna net zo vervreemdend als de existentialistische stukken van Beckett: iedere bezoeker brengt zijn verwachtingen mee naar binnen, om ze, gedesillusioneerd, daar achter te laten wanneer hij were naar buiten komt. Want hoewel je binnen in onze grote pinguïnvriend kan kijken, is er neits te zien. Niets van waarde, niets verrassends. Niets onverwachts, en toch zag niemand het aankomen. Michael Moore is een vervreemdende, absurdistische creatie en zijn kracht werd bondig geformuleerd door een van de enthousaiste bezoekers: “Eerst sta je daar en dan denk je (onverschillig): ‘Ja dus, dit is de binnenkant van een pinguïn,’ maar daarna denk je (verbijsterd): ‘Fúck, dit is de bínnenkant van een pínguïn!’”
Plezier beleef je alleen aan Mr Moore als je succesvol de overstap van onbegrip naar verbijstering weet te maken.
Vandaag ga ik hem waarschijnlijk weer zien, de kleurrijke pinguïn met de vage grijns op z’n snavel. Ik zal naar hem kijken, bij wijze van groet mijn hoed aantikken en teruggrijnzen.