3rd
Herfst in mijn Hoofd
Ik droomde dat we dansten. Hoewel ik toen wist welke dans het was, kon ik me ‘s ochtends de passen niet meer herinneren. Het was een wals geweest of een tango of allebei, maar ik vermoed de tango. Ik werd wakker met tranen in mijn ogen en een gevoel van enorm verlies, al wist ik niet wat ik verloren had. Ik was bang dat het iets was dat ik nooit had bezeten.
Het was een tango van de passielozen. Staccato bewegingen van en naar elkaar toe, maar zonder doel, geschiedenis of intentie. Zonder verlangen, behalve het verlangen te verlangen. De wens te versmelten tot één beweging, één schaduw, één persoon heb ik ooit begrepen, in een verleden dat kleurrijker e tegelijkertijd grijzer was dan het nu en hier.
Hier is het herfst. Dorre bladeren dwarrelen van treurig trotse takken (decadentie, zouden sommigen het noemen) en medelijdende regendruppels kussen zachtjes mijn gezicht. De wereld sterft en ik denk: “Wat mooi.” Misschien omdat de wereld weet hoe te sterven met passie.